PLATFORM OUDERENZORG
Voor Praktijkverpleegkundigen & Praktijkondersteuners
Zoek in kennisbank:

Dit artikel delen via:
Mammacarcinoom
Mammacarcinoom

Oorzaak:

Bij een mammacarcinoom (borstkanker) is er sprake van een kwaadaardige tumor of tumoren van de borst. Borstkanker is te verdelen in twee typen tumoren:

  • Niet-invasief;
  • Invasief.

Een tumor die niet-invasief is blijft in eerste instantie begrensd tot de klierstructuren van de borst. Bij een invasieve tumor groeit de tumor door in het omliggende (steun)weefsel. Borstkanker ontstaat meestal in de melkgangen van de borstklier, dit wordt het ductale type genoemd. En een kleiner percentage van borstkanker ontstaat in de melkkliertjes en groeit meestal verspreid door de borst, het lobulaire type.

Borstkanker begint met een primaire tumor. Cellen van een primaire borsttumor zijn al in een vroeg stadium in staat zich los te maken en zich naar de lymfeklieren in de oksel te verspreiden. In 95 procent van de gevallen is op het moment van de diagnose de ziekte beperkt tot de borst of de lymfeklieren in de oksel. De helft van deze groep patiënten heeft echter elders in het lichaam niet aantoonbare uitzaaiingen. Als dit onbehandeld blijft zullen in de meeste gevallen deze uitzaaiingen binnen drie jaar klachten gaan veroorzaken. Borstkanker is in vier verschillende stadia te verdelen. Het stadium wordt bepaald aan de hand van drie criteria:

  • Maximale omvang van de tumor;
  • Uitbreiding van de ziekte naar de lymfeklieren in het okselgebied;
  • Aanwezigheid van uitzaaiingen en deze ontstaan bij borstkanker voornamelijk in de longen, lever, botten en hersenen.

Afhankelijk van het stadium waar de tumor zich in bevind zal er een behandelplan opgesteld worden.

Diagnose:

Bij klachten of een afwijking van de borst zal de huisarts eerst lichamelijk onderzoek doen door de borsten en regionale lymfeklierstations te inspecteren en te palperen. Op grond van deze bevindingen kan de huisarts het noodzakelijk achten een mammografie te laten maken. Aanvullend onderzoek hierna kan bestaan uit echografisch onderzoek en eventueel een punctie.

Verschijnselen:

  • Knobbeltje(s) in de borst;
  • Ingetrokken tepel;
  • Verandering van de tepel zoals roodheid, schilfertjes of plekjes;
  • Tepeluitvloed;
  • Pijn in de borst;
  • Warme en rode borst;
  • Wondje op de borst die niet goed geneest;
  • Gewichtsverlies, meestal pas in vergevorderd stadium.

Op oudere leeftijd wordt het borstklierweefsel vervangen door vetweefsel, om deze reden komen sommige typen tumoren op latere leeftijd nog maar zeer zelden voor. Meestal zijn de tumoren die ontstaan bij vrouwen ouder dan 70 jaar altijd palpabel. Om die reden wordt bij meer dan 90% van de oudere patiënten de diagnose gesteld naar aanleiding van een zwelling in de borst. Bovenstaande klachten zullen dan ook niet altijd / minder vaak voorkomen bij ouderen.

Zorgproblemen bij ouderen:

  • Comorbiditeit;
  • Depressie;
  • Delier;
  • Zelfzorg;
  • Eenzaamheid;
  • Vermoeidheid.

Aandachtspunten voor praktijkondersteuners / praktijkverpleegkundigen:

Meestal bij ouderen enkel klachten van knobbeltje / zwelling in de borst zonder andere klachten;

Gewichtsverlies;

De diagnose borstkanker is ingrijpend voor de oudere patiënt en de behandeling vraagt, mede om die reden, om een persoonlijke benadering;

Bloedprikken en bloeddrukmetingen mogen enkel verricht worden aan de arm van de niet geopereerde zijde;

Kwaliteit van leven, let op geriatrische syndromen zoals pijn.

Behandeling:

De behandeling van borstkanker bij ouderen is grotendeels afhankelijk van de comorbiditeit. Ondanks dat gezien de leeftijd er mogelijk sprake is van een tragere groei van de kanker is de prognose op oudere leeftijd niet beter dan in jongere leeftijdscategorieën. Dit komt doordat er vanwege mogelijke comorbiditeit beperkingen van de diagnostiek en behandeling ontstaan. Het belangrijkste in de behandeling van ouderen met borstkanker is dan ook om de diagnose zo vroeg mogelijk te stellen en een zo effectief mogelijke behandeling te starten. In principe zal, als de comorbiditeit dit toelaat, de behandeling hetzelfde zijn als bij jongere patiënten.

Afhankelijk van het stadium waarin de borstkanker zich verkeert zal er gekozen worden voor operatief verwijderen van de tumor of de borst (al dan niet met okselkliertoilet), bestraling en / of systemische therapie. Onder systemische therapie wordt chemotherapie of hormonale therapie verstaan. Wanneer er geen operatieve behandeling mogelijk is of uitgevoerd kan worden, kan het zijn dat de tumor buiten de borst gaat groeien. Er ontstaat dan een oncologisch ulcus, waarbij er palliatieve wondzorg nodig is.

Preventie:

Alle vrouwen van 50 tot en met 75 jaar krijgen elke 2 jaar een uitnodiging voor het bevolkingsonderzoek borstkanker.

Literatuur:

  • Vinke, H. & Kollaard (2011), Zorgboek borstkanker in een vroeg stadium, Paperback


 
KWF borstkanker
NHG standaard mammacarcinoom
Ouderen en kanker
Pinkribbon
Thuisarts borstkanker opsporen
Thuisarts knobbel in de borst
Contactgegevens
platformouderenzorg@pvkpoh.nl
ACADEMIC JOURNALS ®
Copyright | Disclaimer