PLATFORM OUDERENZORG
Voor Praktijkverpleegkundigen & Praktijkondersteuners
Zoek in kennisbank:

Dit artikel delen via:
Diarree
Diarree

Diagnose:

Diarree of buikloop is een hoofdzakelijk dunne, brijige tot waterige (soms slijmerige) ontlasting die gepaard gaat met de nood om dringend naar het toilet te gaan.

Oorzaken:

  • Buikgriep (virusinfectie). De meest voorkomende varianten worden veroorzaakt door: Rotavirus, Norovirus, Adenovirus typen 40/41 en Astrovirus
  • Bacteriële infectie: het eten van bedorven voedsel (vakantie, barbecue). Meest voorkomende bacteriële verwekkers zijn Campylobacter, Salmonellasoorten, Shigella.
  • Tijdens of kort na een kuur met antibiotica treedt vrij vaak een episode van diarree op omdat het middel de darmflora heeft veranderd, waardoor diarreeverwekkers zich makkelijker kunnen vermenigvuldigen.
  • Malabsorptie of ontsteking (bijv. ten gevolge van colitis ulcerosa, gastritis)
  • Lactasedeficientie
  • Toegenomen peristaltiek ten gevolge van verhoogd metabolisme (hyperthyreoïdie)
  • Dumpingsyndroom (ontstaat ten gevolge van versnelde maaglediging)
  • Bijwerkingen van geneesmiddelen (bijv. laxantia, NSAID's, antihypertensiva, digoxine)
  • Afhankelijk per persoon: bijv. stress, irriterend voedsel, zeer warm weer
  • Sondevoeding

Verschijnselen:

  • Dunne, waterige ontlasting en/of verhoogde frequentie van stoelgang (meer dan drie keer per dag en ook meer volume van de ontlasting) met een maximale duur van 14 dagen
  • Onaangenaam, drukkend gevoel in de buik, en/of met plotselinge krampen of buikpijn (soms ook braken).
  • Men voelt zich vaak slapjes en verzwakt, want door een te groot vocht- en voedselverlies gaat de lichamelijke toestand achteruit.
    Risicofactoren voor een ernstiger beloop: comorbiditeit, verminderde weerstand.

Chronische diarree heeft dezelfde kenmerken als hierboven beschreven, alleen duurt chronische diarree per definitie langer dan 14 (of 21 in andere definities) dagen.

Een bijzondere vorm van diarree is overloopdiarree of paradoxale diarree. Deze diarree is eigenlijk het gevolg van verstopping in de darm. Bij ernstige verstopping, kunnen harde proppen ontlasting ontstaan in de darm. Deze harde brokken ontlasting zijn lastig kwijt te raken. Dunne ontlasting kan hierlangs weglekken. We noemen dit ook wel overloopdiarree of paradoxale diarree.

Behandeling:

Diarree gaat over het algemeen binnen enkele dagen vanzelf over.

Dieet is niet nodig. Wel is het aan te raden meer te drinken. Bij ouderen is het risico van uitdrogen hoger, zeker wanneer langer dan een dag sprake is van frequent waterdunne diarree, of van diarree die langer dan een dag gepaard gaat met een temperatuur hoger dan 39 graden.

Specifieke behandeling is bij infectieuze diarree door bacterië;n en virussen zelden nodig of mogelijk. Uitdroging voorkomen en genezing afwachten is het belangrijkste. Bij diarree worden water en andere dranken niet goed door de darm opgenomen. Een ORS-preparaat kan dan helpen. Dit is een oplossing van suiker en zout in de juiste verhouding. Deze combinatie maakt opname van vocht wat gemakkelijker. Hierdoor wordt uitdroging voorkomen, wat bij de meeste vormen van diarree die vanzelf overgaan het grootste gevaar is. Treedt uitdroging in gevaarlijke mate op dan zal de patië;nt in principe worden opgenomen om intraveneus (per infuus) vloeistof toegediend te krijgen om uitdroging en sterke verstoring van het elektrolytenevenwicht tegen te gaan.

Er bestaan ook middelen om de darmbewegingen te remmen, zoals loperamide en codeï;ne, maar dat is uitsluitend symptoombestrijding en mag bij koorts en bij bloed in de ontlasting niet worden gebruikt.

Bij bacteriële infecties is het meestal ook niet zinvol om antibiotica te geven, al bestaan hierop wel uitzonderingen. Bij parasieten als verwekkers is behandeling met antiparasitaire middelen juist weer wel zinvol (bijvoorbeeld gebruik van auranofine).

Om de oorzaak van besmettelijke diarree op te sporen is meestal een faecesonderzoek nodig; de resultaten van een kweek zullen echter vaak pas binnenkomen als de patiënt al vanzelf beter is geworden. Dergelijk onderzoek wordt meestal pas verricht als er na 10-14 dagen nog geen verbetering optreedt.

Voor andere vormen van diarree, zoals bij de ziekte van Crohn, bestaan wel specifieke behandelingen.

Aandachtspunten voor de praktijkverpleegkundige:

  • Zorg voor een goede hygië;ne, met name na toiletbezoek en in de keuken.
  • ORS (Oral Rehydration Salts) kunnen mineralen die door het vochtverlies verloren gaan, aanvullen. Een goede tip is ook: Isotone sportdrank!
  • Bij diabetes: aanpassing van medicatie is vaak nodig (let ook op bij metformine en uitdroging). Zo ook is soms aanpassing van anti-epileptica, digoxine, diuretica nodig.
  • Alert zijn bij: hoge koorts, bloed bij de ontlasting, veel slijm bij de ontlasting, tekenen van uitdroging zoals (sufheid, geringe urineproductie)
  • Bij ouderen kan diarree (tijdelijk) fecale incontinentie geven en daarbij een probleem bij de zelfzorg
  • Voorkomen van diarree:
    • Zorg voor een goede persoonlijke hygiëne
    • Zorg voor hygië;ne bij het bereiden van maaltijden
    • Bewaar eten koel, het liefst in de koelkast
    • Let op de uiterste houdbaarheidsdatum
    • Verhit het eten altijd goed
    • Bepaalde besmettelijke ziekten moeten altijd gemeld worden bij de GGD

Literatuur:

Zakboek verpleegkundige diagnosen, L.J. Carpenito

 



 
Darmgezondheid
NHG standaard, acute diarree
Thuisarts diarree
Welke infectieziekten zijn meldingsplichtig
Werkgroep WIP richtlijnen
Contactgegevens
platformouderenzorg@pvkpoh.nl
ACADEMIC JOURNALS ®
Copyright | Disclaimer