PLATFORM OUDERENZORG
Voor Praktijkverpleegkundigen & Praktijkondersteuners
Zoek in kennisbank:

Dit artikel delen via:
Varices
Varices

Oorzaak /diagnose Varices (spataderen) zijn uitgezette, meestal gekronkelde venen met vaak insufficiënte kleppen en een abnormale, soms retrograde bloedstroom. Varices zijn meestal blauw doorschemerend en zitten vooral aan de benen. Spataderen komen heel vaak voor, ze behoren tot de top tien van klachten waarvoor mensen naar de huisarts gaan. Ze komen meer voor bij vrouwen dan bij mannen en de prevalentie neemt toe met de leeftijd. Diagnostiek (arts): Ga na of er tekenen van CVI (chronische veneuze insufficiëntie) zijn: bijv. oedeem, erytheem, eczeem aan het onderbeen, pigmentatie, atrophie blanche (witte atrofische gebieden), ulcus cruris venosum. Predisponerende factoren voor het ontstaan van (primaire) varices zijn: hogere leeftijd, familiaire belasting en multipariteit. Andere mogelijk relevante factoren zijn het hebben van een beroep waarbij lang gestaan wordt, een grotere lichaamslengte en bij vrouwen overgewicht. Varices zijn op zichzelf onschuldig. Varices zijn chronisch en vaak progressief maar het precieze beloop is onvoorspelbaar. Bij klachten of CVI is behandeling aan te raden. [Behalve in de benen kunnen varices ook elders voorkomen, bijvoorbeeld in de balzak (varicocele in het scrotum), bij de anus (aambeien), en in de slokdarm (oesofagusvarices)]

 

Verschijnselen

Klachten die kunnen optreden ten gevolge van varices zijn met name pijn, jeuk en een branderig en/of loom, zwaar gevoel. Sommige varicespati´┐Żnten hebben veel klachten, terwijl een groot deel van hen geen klachten ervaart. Zelfs als er varices aanwezig zijn, worden de meeste beenklachten niet door varices veroorzaakt.

Risicofactoren & complicaties

Complicatie van varices: tromboflebitis: een acuut ontstane rode, gezwollen, (druk)pijnlijke, verharde streng in het verloop van een oppervlakkige vene, meestal een variceuze vene. De beenomtrek is niet toegenomen en er is geen sprake van koorts. De diagnose wordt gesteld op het klinisch beeld.

Behandeling

Tabel 2 Behandeling van varices


Vorm

Behandeling

Varices zonder klachten of CVI

Behandeling niet nodig; desgewenst behandelen om cosmetische redenen.

Varices met klachten of CVI

Therapeutische elastische kousen voor patiënten die voor deze behandeling gemotiveerd zijn, of:Verwijzing voor invasieve behandeling.

Therapeutische elastische kousen worden onderscheiden in vier verschillende drukklassen. De weergegeven druk is de druk gemeten op enkelniveau. Bij varices worden alleen de eerste drie drukklassen gebruikt, waarbij de keuze van de drukklasse vooral wordt bepaald door de mate van oedeem en van andere kenmerken van CVI:

  • klasse I: bij varices zonder oedeem;

  • klasse II: bij varices met enig oedeem;

  • klasse III: bij varices met fors oedeem, bij ernstige CVI, als nabehandeling bij veneuze ulcera en bij patiënten met een DVT in de voorgeschiedenis (zie NHG-standaard Diepe veneuze trombose).

Een klasse I kous             oefent een druk uit van 15 tot 21 mmHg,

klasse II                               23 tot 32 mmHg,

klasse III                              34 tot 46 mmHg

Invasieve behandeling

Er wordt enkel ingegrepen indien men pijn ondervindt of om esthetische redenen. Spataderen kunnen worden verwijderd door scleroseren (inspuiten), door laserbehandeling (endoveneuze lasertherapie) of operatief ingrijpen (klassieke strip, flebectomie volgens Müller).

Bij spataderen bestaat steeds de kans dat ze, na verwijdering, na verloop van tijd terugkomen.

Als alternatief voor de klassieke strip zijn er tegenwoordig zogenaamde endovasculaire methoden, waarbij de ader van binnenuit dichtgeschroeid wordt. Bekend zijn bijvoorbeeld de laser en de foamsclerose. Nieuwe technieken zijn methodes waarbij de katheter radiofrequentie-energie afgeeft aan de binnenwand van het bloedvat. Deze ingreep vindt gewoon plaats op de polikliniek onder lokale verdoving.

Aandachtspunten voor de praktijkverpleegkundige

  • Leefstijladviezen:  het activeren van de spierpomp: wandelen, fietsen of zwemmen (niet  te lang achter elkaar staan)

  • Jeuk bij behandeling met therapeutische elastische kousen kan veroorzaakt worden door irritatie van de kous, maar ook door de CVI en door uitdroging van de huid. Adviseer de huid minder vaak met zeep te wassen en gedurende de nacht een vette, indifferente zalf (zoals Cetomacrogolzalf FNA of Lanettezalf FNA) te gebruiken. Laat de patiënt de zalfresten de volgende ochtend alvorens de kousen weer aan te trekken verwijderen, omdat deze de levensduur van de kousen nadelig kunnen beïnvloeden.

  • Keuze drukklasse wordt vooral bepaald door de mate van oedeem en andere kenmerken van CVI:

    • laat klasse II en hoger aanmeten door een gecertificeerde leverancier;

    • bepaal bij klasse III kous eerst de systolische bloeddruk aan de enkels (ten minste 70 mmHg vereist).

    • Geef instructie over het gebruik van de kousen; bij ouderen is het vaak nodig om hierbij  hulp te organiseren

    • Vervang therapeutische elastische kousen elke 6-9 maanden.

  • Bij oedeem moet ook hartfalen worden overwogen (zie NHG-Standaard Hartfalen).

 



 
Hartstichting; hart- en vaatziekten
Huidinfo.nl
NHG samenvatingskaart varices
NHG standaard varices
Richtlijn veneuze pathologie
Spataderen.biz
Contactgegevens
platformouderenzorg@pvkpoh.nl
ACADEMIC JOURNALS ®
Copyright | Disclaimer